Klimaatverandering zal de risico’s voor de landbouwsector verhogen. Vandaag al merken we wereldwijd dat er zich extremere weerpatronen voordoe, ook in Vlaanderen liet zich dit al voelen. In haar eisenbundel pleit Voedsel Anders voor maatregelen om de veerkracht van onze landbouwbedrijven te versterken.

We gingen praten met biologische boer Arne Vastershaeghe van De Zonnekouter. Het in 2000 door Walter Coens en An Verboven opgestartte familiaal bedrijf groeide uit tot een kleinschalige gemengde biodynamische boerderij én CVBA. Een structuur die mogelijkheden biedt om het bedrijf met vereende krachten te dragen en samen met de consument de verantwoordelijkheid te delen voor het produceren van gezond en ecologisch verantwoord voedsel.

Met vereende krachten

We zijn begin augustus 2018, middenin één van de heetste en droogste zomers die ons land heeft gekend. Bioboer Arne neemt ons mee naar de schuur, de centrale plaats van de boerderij, waar alle groenten passeren en worden gewassen, gewogen, versneden en waar ook de pakketten worden gevuld. Er zijn twee koelcellen met verschillende temperaturen aanwezig. Van daaruit vertrekken de groenten naar de eigen hoevewinkel, de pakketten voor abonnees, de Voedselteams of naar de Lousbergmarkt in Gent.

Er is een vaste serre aanwezig van 2250m², het is een onverwarmde serre om het groeiseizoen te kunnen verlengen en het hele jaar door groenten te kunnen voorzien voor de abonnees. De winter ervoor bezweek de serre onder de grote hoeveelheden sneeuw en regen. Op enkele dagen tijd werd ze eerst door helpende leden volledig afgebroken en nadien dankzij crowdfunding helemaal terug heropgebouwd.

Een eerlijke prijs en het opbouwen van een band en engagement tussen boer en consument. Dat is voor mij wat korte keten betekent.

In de serre groeien tomaten, paprika, snijbonen, allerlei slafamilies. Er is ook een hele kraamafdeling van eigen plantgoed. “Dit arbeidsintensieve werk geeft ons meer vrijheid in het kiezen van rassen. We kweken ook voor de andere twee bedrijven waarmee we samen de coöperatie De Vroente hebben opgericht.”, vertelt Arne trots. In de serre wordt gewerkt met een teeltrotatie van 1 op 8 jaar en voor de tomaten van 1 op 4 jaar.

Werken aan een levende bodem

Buiten liggen enkele grote balen hooi. “Het wintervoer dat de weides de afgelopen maanden hebben voortgebracht. Slechts de helft van een normaal jaar”, zucht Arne. Ook hier heeft de droogte toegeslagen, hoewel niet zo erg als op andere gangbare landbouwbedrijven omdat de mee ingezaaide klaver het beter volhoudt in de droogte. Weides staan droog en later ingezaaide grasklaver is mislukt. Via een beregeningssysteem dat water pompt uit een eigen aangelegd bassin en een oude mestkelder hebben de groenten stand gehouden. Toch werd dit slechts heel sporadisch gebruikt op de zandgrond van Machelen aan de Leie. De Zonnekouter heeft immers 18 jaar lang hard gewerkt aan een goede levende bodem door compost te gebruiken en niet-kerende bodembewerking toe te passen. “Veerkrachtige landbouw is werken mét de natuur en niet ertegen: de bodem verzorgen en de biodiversiteit bevorderen”, vertrouwt Arne ons toe. “De compost verkrijgen we groenteafval te mengen met onze eigen koeien-paarden-kippen- en schapenmest. In de winter rijpt dit verder om vervolgens in het voorjaar uit te rijden op het land.”

Diversiteit en samenwerking met de natuur

We lopen langs de akkers met kolen, spruiten, venkel, schorseneren, haverwortel, aardappels. We ontmoeten er Milan, de veelzijdige wortel. Hier geldt een teeltrotatie van 1 op 6 jaar.
Rondom de serre en de akkers liggen de weides die omzoomd worden door hagen en houtkanten. Arne: “Hagen zijn onder andere belangrijk om mussen in te laten huizen die zich dan te goed doen aan de rupsen die onze kolen aanvallen.”

Op de weides staan een 5-tal schapen en wat verder een 10-tal koeien. Rouges des pré, een oud Frans vleesras, aanvankelijk dubbeldoel, en twee authentieke Oost-Vlaams Rood Witte, een dubbeldoel ras dat vroeger veel in Oost-Vlaanderen rondliep. Dan staat er nog een onzeker kalfje, een kruising van de twee. Het is vooral geïnteresseerd in Juta, de even grote hond, aan de andere kant van de draad. Arne: “De koeien grazen, geven ons mest en vlees. We dromen van enkele melkkoeien in de toekomst. Maar dan zou er grond moeten bijgekocht worden en grond is duur. Waar de grond hier in 2001 nog 25.000 euro per hectare kostte is de prijs ondertussen verviervoudigd.”.

Een 100-tal vleeskippen huizen in de zomer in en rond de schapenstal. De schapen grazen immers op de wei. Juta is bevoegd om de kippen naar binnen te drijven wanneer een hongerig roofdier zou passeren.

Contact met de klanten

We stappen de hoevewinkel in waar sinds 2003 groenten worden verkocht. Arne: “Een eerlijke prijs en het opbouwen van een engagement tussen boer en consument: dat is voor mij wat korte keten betekent. Het is aangenaam voor ons om op deze manier echt contact te hebben met ons cliënteel. Via de groentepakketten hebben we dat minder.”

Onder de lindeboom vertelt Arne ons over verleden en toekomst van de Zonnekouter: “Waar korte keten vroeger minder gekend was, is dit nu veel zichtbaarder. Bijvoorbeeld in Gent, waar naast de groentenabonnementen ook Voedselteams, korte keten markten en boerenwinkels zijn ontstaan. Wij merkten een snelle opmars van de Voedselteams in Gent de afgelopen jaren. Maar zelfs met al die initiatieven is het zoeken naar voldoende en vooral stabiele afzet. Diversificatie in de afzet is heel belangrijk, maar je moet ook keuzes maken. Rechtstreekse verkoop vraagt zeer veel energie en daarom is het belangrijk is dat mensen weten waarom ze bij jou kopen.”

Veerkrachtige landbouw is werken mét de natuur en niet ertegen. De bodem verzorgen en de biodiversiteit bevorderen.

Nog extensiever

“In de toekomst zouden we op De Zonnekouter graag een stuk extensiever willen werken. Meer grond geeft ons de mogelijkheid om meer groentes te telen maar ook meer groenbemesters en meer natuurlijke landschapselementen in te plannen. We zouden meer grasklaver kunnen inzaaien en op die manier nog beter stikstof fixeren uit de lucht. Nu wordt de grond met compost van stalmest gevoed. Daardoor komt er ook automatisch fosfaat mee in de grond komt en daar is er volgens de huidige (kunst)mestwetgeving al te veel van. Probleem is dat de bodems in het verleden structureel overbemest geweest zijn met dierlijke mest door de intensieve landbouw. Dit is trouwens een groot euvel voor heel wat bioboeren die werken met stalmest. Ondanks alle voordelen ervan voor een goede en veerkrachtige bodem, wordt het belang ervan nog teveel genegeerd door de wetgever. Misschien moet er toch eens meer naar de bioboeren worden geluisterd.”

Dat de bio- en korte keten boeren en organisaties hun verhaal moeten blijven vertellen, staat voor Arne buiten kijf. De Zonnekouter wil meer op public relations inzetten en vindt dat dit ook een taak is voor iedere speler die in de korte keten: het promoten van een kwaliteitsvol product voor een eerlijke prijs. Dat in combinatie met het opbouwen van een sterke band en engagement tussen boer en consument is dé manier om ons landbouwsysteem veerkrachtig te houden.

Dit portret is afkomstig van Voedselteams vzw, een van de partnerorganisaties van Voedsel Anders. Meer info over De Zonnekouter op www.dezonnekouter.be

Dit portret is een illustratie van het vierde principe “Maak bedrijven veerkrachtig zodat ze bestand zijn tegen toekomstige uitdagingen” uit de GLB eisenbundel van Voedsel Anders “Vijf principes voor een Vlaams strategisch landbouwplan”.

Fotocredits: Shirin Rabi Photography 

Groeiende beweging voor agro-ecologie

Volg Voedsel Anders Vlaanderen: 

Met de steun van:Logo steun Vlaanderen